Evaluatie Wmo
Het ministerie van VWS heeft aan het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) gevraagd om onderzoek te doen naar de werking van de Wmo. Dit evaluatieonderzoek vloeit voort uit artikel 24 van de wet, waarin staat dat de wet periodiek zal worden geëvalueerd. De eerste evaluatie-periode is 2007-2009.
Het gaat bij de evaluatie om de vraag of de Wmo gemeenten voldoende mogelijkheden biedt om de doelen van de wet naderbij te brengen. De doelen van de Wmo zijn maatschappelijke participatie, zelfredzaamheid, actief burgerschap en sociale samenhang. Het SCP kijkt naar de landelijke werking van de wet en doet geen uitspraken over het beleid, de prestaties en effecten in individuele gemeenten.
Het onderzoek kent twee peilers.
- Er wordt gekeken hoe gemeenten invulling geven aan de Wmo en of zij de juiste instrumenten hebben om de Wmo uit te voeren. Hiertoe worden enquêtes afgenomen bij gemeenten en organisaties/instellingen.
- Er wordt nagegaan wat de effecten van de Wmo zijn voor mensen met beperkingen. In de volgende evaluatieperiode (2010-2013) worden ook andere groepen burgers in het onderzoek betrokken. Er is voor gekozen om eerst alleen naar de mensen met beperkingen te kijken, omdat veel gemeenten zich aanvankelijk vooral op hen hebben gericht, bijvoorbeeld met de aanbesteding van de hulp bij het huishouden of het vormgeven van het Wmo-loket.
Het onderzoek moet eind 2009 gereed zijn, maar zal tussentijds een aantal rapporten opleveren. Meer informatie over dit onderzoek is te verkrijgen bij het Sociaal en Cultureel Planbureau.