Subsidieregelingen
Op 27 september 2006 heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de septembercirculaire 2006 uitgebracht. De septembercirculaire 2006 bevat informatie over de hoogte van de algemene uitkering aan de gemeenten voor de jaren 2006 en 2007. In bijlage 7 kunt u nalezen welk bedrag individuele gemeenten ontvangen voor de verschillende onderdelen van de Wmo.
Een aantal gemeenten en instellingen hebben vragen gesteld over de verdeling van de subsidieregelingen diensten bij wonen met zorg (DWMZ) en zorgvernieuwingsprojecten GGZ (ZVP GGZ) waarbij het basisjaar 2004 betreft. VWS heeft naar aanleiding van deze vragen het CVZ en de Zorgkantoren verzocht de verdeling van de subsidieregelingen DWMZ en ZVP GGZ te actualiseren op basis van de definitieve afrekeningen van de zorgkantoren over 2004. De uitkomsten van deze actualisatie treft u aan in de junicirculaire.
Hieronder treft u nadere informatie aan over de subsidieregelingen die overgaan naar de Wmo.
Diensten bij wonen met zorg
De middelen voor de subsidieregeling diensten bij wonen met zorg (in 2007 22,9 miljoen) worden in 2007 verdeeld volgens de historische verdeling voor het jaar 2004. De hoogte van het budget betreft het ijkjaar 2005. De afrekening van de subsidieregeling voor 2005 is nog niet volledig afgerond waardoor de verdeling over de gemeenten in 2005 nu nog niet bekend is. Er zijn geen aanpassingen ten nadele meer plaatsvinden voor de verdeling van deze subsidieregeling over 2007.
Zorgvernieuwingsprojecten GGZ
De middelen voor de ZVP GGZ (in 2007 6,7 miljoen) worden verdeeld volgens de historische verdeling van het jaar 2004. De hoogte van het budget betreft het ijkjaar 2005. De afrekening van de subsidieregeling voor 2005 is nog niet volledig afgerond waardoor de verdeling over de gemeenten in 2005 nu nog niet bekend is. Er hebben geen aanpassingen ten nadele meer plaatsvinden voor de verdeling van deze subsidieregeling over 2007.
Coördinatie Vrijwillige Thuiszorg en Mantelzorg (CVTM)
De middelen CVTM (in 2007 32 miljoen) gaan in 2007 via de historische verdeling van 2006 naar de gemeenten. Met andere woorden, ze worden in 2007 aan díe gemeenten verstrekt waar de subsidieontvanger in 2006 statutair gevestigd was. In verband met de dynamiek in de subsidiëring en de ophoging van het macrobudget met 5 miljoen euro in 2006 (van 22 miljoen naar 27 miljoen euro) wordt het budget van het jaar 2006 gehanteerd. De extra 5 miljoen. die voor 2007 hier bovenop beschikbaar is gesteld, zal objectief worden verdeeld over gemeenten die op grond van de verdeling over 2006 geen bijdrage ontvangen. Dit betreft dus gemeenten waar in 2006 geen subsidieontvangers gevestigd waren. Mezzo heeft een overzicht van de verdeling van de CVTM middelen per gemeenten (excel) gemaakt. In dit overzicht wordt aangegeven of een gemeente de middelen ontvangt op grond van toekenningen aan ter plaatse gevestigde organisaties in 2006 of op grond van de extra 5 miljoen.
ADL-clusters (Algemeen Dagelijkse Levensverrichtingen)
Voor wat betreft de ADL-regeling is besloten om deze, in tegenstelling tot eerdere berichten, nog niet over te laten gaan per 1 januari 2007. Over een mogelijke overgangsdatum wordt later besloten. De overheveling is uitgesteld zodat 2007 kan worden benut voor de voorbereiding van de inpassing van een deel van de ADL-clusters in de AWBZ, en de bekostiging op basis van zorgzwaarte-pakketten. Bij die voorbereiding wordt ook de overgang van het overige deel van de ADL-clusters naar de Wmo meegenomen. De financiering van de ADL-clusters wordt verdeeld in een Wmo deel en een AWBZ deel. In de loop van 2007 horen gemeenten wanneer deze middelen naar de gemeenten gaan en op welke wijze ze verdeeld worden.
Vorming, training en advies (VTA)
Voor de VTA was in totaal 10 miljoen euro beschikbaar. In 2007 is 2,5 miljoen voor VTA aan de middelen voor de Wmo toegevoegd met als doel het vrijwilligersbeleid op lokaal niveau te bevorderen. Deze middelen zijn in 2007 toegevoegd aan het gemeentefonds. In 2008 is nog een keer € 2,5 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. In totaal is dus € 5 miljoen beschikbaar voor lokale deskundigheidsbevordering via het gemeentefonds.
Vanaf 2009 is de overige € 5 miljoen beschikbaar voor subsidieverlening aan landelijke vrijwilligersorganisaties. Meer informatie hierover kunt u vinden op de website van het Ministerie van Volksgezondheid en Sport (link naar externe website).
Collectieve GGZ-preventie
De middelen voor de collectieve GGZ-preventie (in 2007 9,5 miljoen) worden in 2007 via het objectieve verdeelmodel collectieve GGZ-preventie verdeeld naar de gemeenten. Hiervoor is een apart verdeelmodel ontwikkeld waarin rekening is gehouden met relevante kenmerken van de doelgroep. De middelen zijn bedoeld om herkenning en begrip van ernstige psychische klachten te bevorderen, de bevolking bewust te maken wat zij zelf aan deze klachten kan doen en de doelgroep wegwijs te maken naar instanties. Collectieve GGZ-preventie is gericht op de gehele bevolking of een gehele bevolkingsgroep. Collectieve GGZ-preventie was tot 2007 een activiteit die viel onder de CTG-beleidsregel “loon- en materiële kosten, uur preventie”. Omdat de activiteit collectief van aard is, is besloten deze middelen naar de gemeenten (Wmo) over te hevelen. Hier vindt u het rapport van Cebeon over de verdeelsleutel collectieve preventie GGZ (pdf). Hierin staat uitgelegd wat de werkwijze is geweest en waarom voor een objectieve verdeling is gekozen.
Initiatieven openbare geestelijke gezondheidszorg
Per 1 januari 2007 worden aan de specifieke uitkering maatschappelijke opvang en verslavingsbeleid 60,6 miljoen uit de AWBZ voor OGGz-activiteiten op het gebied van toeleiding toegevoegd. De centrumgemeenten ontvangen deze middelen. Dit bedrag is opgebouwd uit:
- de subsidieregeling voor Initiatieven openbare geestelijke gezondheidszorg (uitgevoerd door zorgkantoren). Deze wordt beëindigd. De zorgkantoren zijn daarvan op de hoogte;
- groeiruimte AWBZ 2007 (deze middelen zijn dus nog niet belegd);
- middelen uit de beleidsregel dienstverlening (daarbij ging het om activiteiten die eigenlijk niet in de AWBZ thuishoorden, maar eigenlijk door derden gefinancierd zouden moeten worden.
Centrumgemeenten zijn in principe vrij om - na overleg met de omliggende gemeenten - de OGGz-middelen voor toeleiding te besteden. Meer informatie kunt u nalezen in de brief over de OGGz-middelen die naar de centrumgemeenten is verstuurd (word).
De verdeling van de middelen voor OGGz-activiteiten staan niet opgenomen in de septembercirculaire, omdat het geen integratieuitkering, maar doeluitkering betreft.
