Vrijwilligersbeleid
Vrijwilligers, actief in clubs en verenigingen, vormen het sociale cement van de samenleving. Zonder dit cement wordt de samenleving schraal en veel minder leefbaar. Denk bijvoorbeeld aan de talloze vrijwilligers die zich inzetten voor een sportclub, die helpen bij vakantieactiviteiten voor kinderen, die speeltuinen onderhouden, of op huisbezoek gaan bij ouderen. Maar ook aan mensen die spontaan met elkaar een buurtfeest organiseren.
Vrijwilligers zijn onmisbaar. Tal van sectoren kunnen niet zonder hen. Miljoenen mensen beleven plezier aan het vrijwilligerswerk dat ze doen. Toch staat de vrijwillige inzet onder druk. Bijvoorbeeld door onnodige regels of door het ontbreken van voldoende nieuwe vrijwilligers. Vooral jongeren en allochtonen zetten zich relatief minder vaak in als vrijwilliger.
Dat vraagt om beleid voor vrijwilligerswerk, gericht op het zo goed mogelijk ondersteunen en stimuleren van alle burgers die zich vrijwillig inzetten. Allereerst op lokaal niveau, omdat vrijwilligerswerk op grond van de Wmo tot de verantwoordelijkheid van de gemeente behoort, maar ook op nationaal niveau.
Het belang van vrijwilligerswerk voor gemeenten
Het doel van de Wmo is om participatie van burgers te bevorderen en ondersteuning op maat te bieden bij mensen die dit nodig hebben. Vrijwilligerswerk kan hierin een belangrijke rol spelen. Immers: vrijwilligerswerk is één van de vele vormen om te participeren. Bovendien zorgen vrijwilligers ervoor dat anderen, die wat extra hulp nodig hebben, ook kunnen meedoen.
In een gemeente kunnen vrijwilligers dan ook een belangrijke bijdrage leveren aan de invulling van de andere prestatievelden van de Wmo, en andere beleidsterreinen (zoals onderwijs).
Enkele voorbeelden:
- buurtvaders, klaar-overs, vrijwilligers bij brandweer en politie en buurtpreventieteams die de buurt veilig maken, of de vrijwilligers in speeltuinenverenigingen, bij opschoonacties en bij wijkfestivals die de wijk leefbaar maken en houden (prestatieveld 1);
- maatjesprojecten, jongerencentra en vrijwilligers die gezinnen coachen (prestatieveld 2);
- projecten voor praktische hulp en vriendschap, maatjesprojecten tegen eenzaamheid, boodschappendienst, maaltijdvoorzieningen, om deelname aan de maatschappij te bevorderen en mensen zelfstandig te laten functioneren (prestatieveld 5 en 6);
- vrouwenopvang, opvang van dak- en thuislozen en zorg aan verslaafden door het Leger des Heils (prestatieveld 7 en 9).
Decentralisatie van de AWBZ-functie ‘begeleiding’
Het doel van de decentralisatie van de AWBZ-functie ‘begeleiding’ is om ondersteuning dicht bij de burgers te organiseren. Deze nieuwe benadering biedt ruimte en kansen voor innovatie en verbetering. Zo biedt de decentralisatie gemeenten onder andere de mogelijkheid om vrijwilligersorganisaties, mantelzorgers en welzijnsorganisaties nauw te betrekken bij de invulling en uitvoering hiervan. Dit zijn vaak belangrijke spelers in het netwerk van een cliënt. Op lokaal niveau kan de samenwerking tussen vrijwilligers, mantelzorgers en professionele zorg tot resultaten leiden die ieder afzonderlijk niet zou kunnen bereiken. Kortom: als er sprake is van een goede balans, versterken vrijwilligerswerk, mantelzorg en professionele zorg elkaar.
Rijksbeleid
Het kabinet heeft er de afgelopen jaren werk van gemaakt om vrijwilligerswerk beter te verankeren in de Nederlandse samenleving. Die aanpak gaat de komende jaren op tal van terreinen door. Op de volgende pagina’s kunt u meer lezen over het rijksbeleid op het gebid van vrijwilligerswerk.
Basisfuncties vrijwilligerswerk
Het ministerie van VWS heeft basisfuncties opgesteld die gemeenten kunnen gebruiken bij het (verder) vormgeven van hun beleid op het gebied van vrijwilligers en mantelzorgers. In opdracht van het ministerie van VWS ondersteunt MOVISIE gemeenten over het invoeren van de basisfuncties.
Administratieve lasten en vrijwilligersverzekering
Vrijwilligers willen hun tijd besteden aan het werk dat zij belangrijk vinden. Maar ze worden nogal eens gehinderd door allerlei regels of ingewikkelde procedures. De afgelopen jaren hebben het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de VNG en een aantal gemeenten onderzocht hoe ze de administratieve lasten voor (vrijwilligers)organisaties en burgerinitiatieven kunnen verminderen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het vereenvoudigen van subsidieprocedures, het verminderen en vereenvoudigen van vergunningen en de lokale vrijwilligersverzekering, waarbij gemeenten een collectieve verzekering kunnen afsluiten tegen de risico’s die vrijwilligers lopen tijdens hun werkzaamheden. Dit maakt het voor vrijwilligersorganisaties makkelijker om mensen te werven en scheelt veel administratie. Voor deze verzekering stelt het kabinet vanaf 2009 jaarlijks via het Gemeentefonds een bedrag van € 4 miljoen beschikbaar.
2011: Europees Jaar van het Vrijwilligerswerk
De Europese Commissie heeft 2011 uitgeroepen tot het Europese Jaar van het Vrijwilligerswerk (EJV). Gedurende dit jaar willen we het Nederlandse vrijwilligerswerk in al zijn veelzijdigheid onder de aandacht brengen en waarderen.
Er is onder meer een promotiepakket samengesteld waarmee gemeenten hun vrijwilligers in het zonnetje kunnen zetten. Verder organiseert het nationaal coördinatieorgaan een aantal landelijke activiteiten waarbij gemeenten kunnen aansluiten.
Maatschappelijke stage
Veel jongeren in het voortgezet onderwijs doen een maatschappelijke stage. Naar verwachting is de maatschappelijke stage voor jongeren in het voortgezet onderwijs vanaf het schooljaar 2011/2012 verplicht. Met de maatschappelijke stage wil de overheid jongeren laten kennismaken met de samenleving. Tegelijk leren ze een (onbetaalde) bijdrage te leveren aan de samenleving.
Voor de gemeente is de maatschappelijke stage een kans om de betrokkenheid van jongeren bij vrijwilligerswerk te vergroten. De maatschappelijke stageleerling van vandaag is immers de vrijwilliger van morgen.
Makelaarsfunctie vrijwilligerswerk en maatschappelijke stage
Sinds 2008 ontvangen gemeenten extra geld voor het opzetten van een maatschappelijke makelaarsfunctie - voor vrijwilligerswerk en de maatschappelijke stages.
Preventie van seksueel misbruik door vrijwilligers die met jongeren werken
Het project ’In veilige handen’, opgezet door de ministeries van Veiligheid & Justitie en VWS, heeft tot doel om seksueel misbruik van minderjarigen binnen vrijwilligersorganisaties tegen te gaan. Met bijvoorbeeld gedragsregels en een stappenplan krijgen organisaties hulpmiddelen om het onderwerp bespreekbaar te maken en weten ze wat ze moeten doen als ze te maken krijgen met een geval van seksueel misbruik.
Relevante documenten
Beleidsbrief Mantelzorg en Vrijwilligerswerk 2008-2011 (pdf)
Basisfuncties lokale ondersteuning vrijwilligerswerk en mantelzorg (word)
