Over de Wmo

Gemeenten zijn door de Wmo verantwoordelijk voor maatschappelijke ondersteuning. Maatschappelijke ondersteuning omvat activiteiten die het mensen mogelijk maken om mee te doen in de samenleving. Dat kan bijvoorbeeld met vrijwilligerswerk en mantelzorg, maar ook met goede informatie en advies, opvoedingsondersteuning en huishoudelijke hulp.

Het begrip maatschappelijke ondersteuning is in de Wmo verwoord in negen prestatievelden. Het ministerie van VWS geeft de kaders aan waarin elke gemeente haar eigen beleid kan maken. Een beleid dat afgestemd is op de wensen en samenstelling van de inwoners.

In deze sectie leest u over de grote lijnen van de Wmo, het verloop van het wetstraject en de interessante links.

Op 1 augustus is de Wmo in Staatsblad nummer 351 (pdf) gepubliceerd.

Decentralisatie extramurale begeleiding

De functie extramurale begeleiding gaat over van de AWBZ naar de Wmo. Dit betekent dat gemeenten vanaf 2013 verantwoordelijk worden voor de nieuwe aanvragers en vanaf 2014 worden gemeenten verantwoordelijk voor alle cliënten die op dit moment extramurale begeleiding ontvangen in de AWBZ. De decentralisatie van extramurale begeleiding geldt ook voor het vervoer en voor de groep licht verstandelijk gehandicapten (lvg) jongeren en voor kinderen met Jeugd-GGZ zorg (vanaf 2013). Als er sprake is van een verblijfsindicatie (ZZP of VPT) dan blijft de begeleiding vanuit de AWBZ geregeld.

De decentralisatie van begeleiding naar de Wmo biedt kansen om op lokaal niveau deze ondersteuning bij zelfredzaamheid en participatie dichterbij de burger te organiseren. Gemeenten zijn in staat de eigen kracht en mogelijkheden van burgers en hun sociale netwerk aan te spreken en maatwerk in de directe omgeving te realiseren. Ook kunnen zij verbindingen leggen met andere Wmo-voorzieningen en andere gemeentelijke domeinen, zoals re-integratie, de bijstand of het woonbeleid. Zo wordt de begeleiding meer doelmatig en meer effectief georganiseerd.

Het ministerie van VWS en de VNG hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de decentralisatie van de functie begeleiding goed te laten verlopen zodat burgers die na de overheveling begeleiding nodig hebben, op grond van de Wmo adequaat worden ondersteund. Het ministerie van VWS en de VNG hebben voor de periode 2011 tot en met 2014 gezamenlijk het Transitiebureau Begeleiding opgericht om gemeenten, aanbieders en cliënten(organisaties) voor te bereiden en te ondersteunen. We gaan er vanuit dat alleen bij een gezamenlijke insteek van gemeenten, aanbieders en cliënten de decentralisatie zal slagen. Coalitie denken! Heeft u vragen? U kunt ze stellen via helpdesk@invoeringwmo.nl of 070-340 6100.